donderdag 30 juni 2011

Lieve iedereen,

Velen van jullie zullen al wel wat hebben meegekregen over wat er de afgelopen dagen is gebeurd, maar hierbij het 'hele' verhaal. Het belangrijkste is dat we een zoontje hebben gekregen afgelopen vrijdag, 24 juni. Hij heet Ruben en het gaat goed met hem. Hij is een ruim vijf weken te vroeg geboren en ligt daarom nog in het ziekenhuis.
De reden waarom hij zo vroeg is, is dat er bij mij complicaties zijn opgetreden tijdens de zwangerschap. Afgelopen vrijdagochtend ben ik in het ziekenhuis opgenomen met veel pijn in mijn bovenrug en borststreek. Omdat ik al bijna mijn hele zwangerschap een hoge bloeddruk heb, dachten ze direct aan zwangerschapsvergiftiging. Alle tests daarvoor kwamen negatief terug, dus moest er een andere oorzaak zijn. De artsen dachten aan een longembolie en om dat te bevestigen of uit te sluiten moest er een ct-scan gemaakt worden. Op die scan zagen ze geen embolie maar wel een vernauwing aan mijn aorta met daarbij een bloeding. Als ik in deze situatie zou bevallen was de kans heel groot dat de bloeding niet te stoppen zou zijn. Daarom werd ik met spoed overgebracht naar het Sint Antonius ziekenhuis in Nieuwegein, dat gespecialiseerd is in cardiologie. Daar werd uiteindelijk, na veel onderzoeken, besloten dat ons kindje diezelfde avond nog gehaald zou worden middels een keizersnee. Daarna werd er van mij een nieuwe ct-scan gemaakt, zonder dat het kindje in de weg lag, om alles goed te kunnen bekijken. 

Aan de hand van de tweede ct-scan werd een diagnose gesteld. Ik heb een aangeboren afwijking die coarctatie genoemd wordt, wat inhoudt dat mij aorta ter hoogte van mijn borst sterk vernauwd is of helemaal stopt. Normaal wordt deze aandoening geconstateerd bij zuigelingen en kleine kinderen. Bij mij is dit nooit opgemerkt. Mijn lichaam heeft het probleem opgelost door een groot aantal omleidingen te maken. In een van die omleidingen is waarschijnlijk een bloeding opgetreden, maar nadat Ruben geboren is, is deze vanzelf gedicht omdat de druk in mijn lichaam minder was geworden. Na de keizersnee knapte ik wat op en werden de pijnklachten minder. 
Ik ben inmiddels thuis en herstellende van de keizersnee. Voor de coarctatie, die nu geen acuut gevaar vormt, wordt over een maand een behandelplan gemaakt, als ik wat verder ben hersteld. Hopelijk is een operatie mogelijk om de vernauwing op te heffen. 
De hoge bloeddruk die ik al mijn hele zwangerschap heb is ook door deze aandoening te verklaren.

Ruben is toen ik ontslagen werd uit het ziekenhuis overgeplaatst naar Gouda, waar hij het voor zijn leeftijd prima doet. We hopen hem snel mee naar huis te kunnen nemen.

dinsdag 3 mei 2011

The Kings Speech

Gisteravond bezocht ik 'The Kings Speech', een indrukwekkende film over het leven van Albert, de prins van Engeland. De film begint met het moment waarin hij namens zijn vader, Koning George V, een toespraak voor moet lezen. Hij staat oog in oog met een afgeladen stadion en bovendien een microfoon waarmee hij uitgezonden wordt op de nationale radio. Hij is daar zichtbaar erg nerveus over en al snel wordt duidelijk waarom. Prins Albert stottert namelijk vreselijk.

Als kijker werd ik onmiddelijk meegezogen in de vernedering die deze man moest ondergaan door te spreken voor zoveel mensen, maar nog meer door het onbegrip dat in zijn familiekring heerste over zijn spraakstoornis, waardoor hij toch in dat stadion voor die microfoon belandde.

Tegelijk besefte ik dat, ondanks de overduidelijke culturele en sociale verschillen, prins Alberts probleem niet zo ver verwijderd ligt van onszelf. Tijdens een lezing van auteur en columnist Karen Romme hoorde ik dat 'spreken in het openbaar' op nummer vijf staat in de lijst met grootste angsten in Nederland. Ik kan me niet voorstellen dat alle mensen die dat hebben ingevuld, stotteren. Het is voor veel mensen zonder spraakgebrek al een eng moment. En toch worden we er - bijvoorbeeld door onze functie - regelmatig toe gedwongen om deze angst onder ogen te zien. Met alle gevolgen van dien. Hoe vaak ben je niet bij een presentatie of belangrijk gesprek vandaan gekomen met het gevoel dat het veel beter had gekund? Dat je niet het gevoel hebt dat je je verhaal echt goed over hebt kunnen brengen op je publiek? Hoe kun je nu een presentatie geven zonder ten prooi te vallen aan bibberknieën, zweethanden en - in het ergste geval - een black-out?

1. Bereid je goed voor.

Dit klinkt natuurlijk als het intrappen van een open deur, maar hoort wel in dit rijtje thuis. Zonder goede voorbereiding bestaat het gevaar dat je dichtslaat of afdwaalt. Een gedegen voorbereiding geeft je rust omdat je precies weet wat je wilt zeggen, met welk doel en in welke volgorde. Maak bij de voorbereiding gebruik van presentatieprogramma's als Powerpoint. Oefen je presentatie eventueel voor de spiegel of een bereidwillige huisgenoot en sta dan ook open voor kritiek. Door de presentatie van tevoren een keer helemaal door te werken ontdek je of er nog delen van je presentatie zijn die beter kunnen. De bereidwillige huisgenoot kan wel eens een onmisbare bron van informatie blijken als hij of zij daarna ook wat vragen stelt. Zo kun je je voorbereiden op de vragen die je misschien krijgt en daarop alvast voor jezelf een antwoord formuleren.

2. Maak gebruik van beeldmateriaal.

Presentaties die voorzien zijn van beeldmateriaal worden veel beter onthouden dan presentaties waar alleen gebruik wordt gemaakt van tekst. Ook als je onderwerp zich niet speciaal leent voor het gebruik van afbeeldingen is het mogelijk om beeldmateriaal in je presentatie in te bouwen. Je kunt je presentatie bijvoorbeeld beginnen met een grappige anekdote, kracht bijgezet door een foto, om het ijs te breken. Belangrijk is dan wel dat je daarna een zogenaamd bruggetje inbouwt waardoor je via die foto bij je onderwerp beland.

3. Sta achter je verhaal.

In mijn vrije tijd treed ik soms op als solist bij een gospelkoor of alleen met een pianist. Dit doe ik alweer 10 jaar en in die tijd heb ik een belangrijke les geleerd: Enthousiasme is aanstekelijk. Als jij enthousiast bent over het onderwerp waarover je spreekt, zal dit overslaan op je publiek. Als ik, als solist, gevoelloos mijn tekst af sta te draaien, zal de boodschap niet overkomen op mijn publiek. Door me in te leven in het nummer en daar achter te staan, bereik ik mijn publiek met een tekst die ik niet eens zelf geschreven heb. Moet je nagaan wat er gebeurt als je een zelfgeschreven presentatie enthousiast kan brengen?

4. Wees kort en bondig.

Vraag je tijdens het voorbereiden van je presentatie altijd af: Is deze informatie op dit moment relevant voor je publiek? Veel mensen zijn geneigd om tijdens een presentatie uitgebreid te vertellen over de toedracht en totstandkoming van het onderwerp. Dat is waar ze het meest over weten en waar ze zich het minst onzeker over voelen. Maar voor het publiek is dit lang niet altijd interessant. Bijvoorbeeld: Je moet een presentatie geven over een website die je voor een klant hebt ontworpen en gebouwd. Je staat dan waarschijnlijk tegenover een of meerdere leidinggevenden en eventueel iemand die, na oplevering, de website moet gaan bijhouden. Deze mensen zijn absoluut niet geïnteresseerd in jouw ontwerpproces. Ze willen veel liever weten waarom je voor een bepaalde layout en kleurstelling hebt gekozen en hoeveel gemak ze later hebben van de toegankelijke user-interface. En vooral: wat levert het nieuwe ontwerp deze klant op? Stip je ontwerpproces daarom even kort aan, om wel te laten zien dat je er veel aandacht aan hebt besteed, en ga daarna verder met relevante informatie. Als de klant meer over je ontwerp wil weten, zal hij daar wel vragen over stellen.

5. Relativeer.

Ik heb ooit de tip gekregen om me mijn publiek voor te stellen in hun ondergoed op het moment dat ik zenuwachtig word. Ik kan je vertellen dat dat geheel afhankelijk is van het publiek. Tijdens een concert in een bejaardentehuis wilde ik daar toch liever niet aan denken! Op dat moment heb ik me maar vastgehouden aan een andere tip die ik kreeg van een 'oude rot in het vak': Denk aan iets dat je dierbaar is. Dan straal je rust en positiviteit uit.
Hoe goed je voorbereiding ook is, daarna komt altijd het moment van de waarheid. Het moment dat je moet gaan staan en je presentatie moet beginnen. En dat blijft spannend. Door je voorbereiding sta je al iets steviger in je schoenen. Wat ook helpt is relativeren. De mensen die voor je zitten zijn, hoe belangrijk hun functie ook is, ook maar mensen!

Hoofdrolspeler Colin Firth won een oscar voor Beste Acteur voor zijn rol in 'The King's Speech' en dat is geen wonder. Ik heb zelden zo'n knap staaltje acteerwerk gezien. En misschien ligt daar wel de sleutel tot het succes van presenteren: Als je niet zeker bent van jezelf, dan doe je toch gewoon alsof?!

zaterdag 5 maart 2011

Was ik maar een man...

Nu zul je denken: hoezo? Wat is er leuker aan man zijn dan aan vrouw zijn? Daar kom ik zo op. Eerst wil ik mijn gedachten met jullie delen over; gedachten. Jawel.

Gedachten kunnen je blij maken, als ze over leuke dingen gaan. Ze kunnen je ook verdrietig maken, als ze over erge dingen gaan. Maar niets is zo vervelend als gedachten die je bezorgd maken. Die vormen namelijk een negatieve spiraal waardoor je steeds bezorgder wordt. Daar moet je dan weer meer over nadenken, wat weer tot gevolg heeft dat je steeds bezorgder wordt. Enzovoort.

Het vervelende is dat je er met nadenken meestal niet uitkomt. Er komt geen oplossing voor het probleem waarom je je bezorgd maakt. Die gedachten zijn net als een wegstreep-puzzel. Ken je dat? Je bent al een kwartier op zoek naar een woord en je kunt het niet vinden. Steeds weer gaan je ogen over dezelfde beginletters die nergens op uitkomen. Frustratie alom.

Vaak is het dan goed om zo'n puzzel even weg te leggen. Na je ogen een half uurtje rust gegund te hebben, vindt je die oplossing vaak binnen een minuut! Dat zou met gedachten ook moeten kunnen! En nu komt het: Mannen kunnen dat! Die hebben de ongelofelijk handige gave om gewoon nérgens aan te denken! Kun je je dat voorstellen? Het lijkt me heerlijk!

Ongeveer een maand geleden werd ik door een arts op non-actief gesteld. Ik mocht niet meer werken omdat mijn bloeddruk te hoog is. Dat is gevaarlijk voor het ongeboren kindje dat in mij groeit. En daar mag ik me dus niet druk om maken. Dat is slecht voor mijn bloeddruk… Je snapt het vast al, daar ontkom je als vrouw dus niet aan.

Een paar dagen nadat ik het slechte nieuws van de arts ontving, bewoog het kindje zich voor het eerst voelbaar in mijn buik. Dat is iets dat alle zorgen - voor even - opheft. Zo mooi!

De uitspraak 'was ik maar een man' geldt trouwens niet voor zwanger zijn. Dat is iets geweldigs dat in je lichaam gebeurd. Maar misschien denk ik daar over een paar maanden wel heel anders over! Ik hou jullie op de hoogte.

dinsdag 21 december 2010

Sneeuwtunnel

Vanochtend was de wereld verborgen onder een dikke laag sneeuw en bovendien een dichte mist. Ik moest mijn wielen met een schop sneeuwvrij maken omdat de sneeuw hard bevroren was. Met een flinke dot gas wist ik daarna mijn mini-bolide de weg op te krijgen. Toen ik eindelijk in mijn auto zat, had ik ongeveer 50 meter zicht alle kanten op. Ik weet hoe de route naar mijn werk eruit ziet en hoeveel tijd het ongeveer kost om er te komen. Toch leek het eindeloos lang te duren voordat ik er was. Hoe kwam dat toch?

Natuurlijk had de gladheid, waardoor ik niet harder dan 60 km per uur kon rijden, iets te maken met de lengte van mijn reis. Maar dat was niet het enige. Door de dikke deken van mist die over de wereld lag, werd ik beroofd van de meeste referentiepunten die ik normaal gesproken wel zie tijdens mijn rit. Het enige dat ik kon zien was de weg die voor me lag. Pas als ik bij een kruising of rotonde kwam, wist ik weer waar op de route ik me bevond.

Verrassend genoeg werkte het bevrijdend om zo weinig om me heen te kunnen kijken. Het maakte mijn doel eenvoudig en gaf me ruimte om mijn gedachten op een rij te zetten. Dat gevoel deed me denken aan een lezing die ik een aantal weken geleden kreeg tijdens een bijeenkomst van de Vrouw&Business vereniging Groene Hart. Laura Babeliowsky - specialist in aquisitie en het vinden van nieuwe klanten - vertelde ons daar dat het belangrijk is om je te focussen op een kleine, gespecialiseerde doelgroep. Dat klinkt verontrustend, omdat je als beginnende ondernemer liever alles aanpakt dat je kunt krijgen. Maar door te specialiseren krijg je - volgens Laura - méér klanten. Aan het succes dat haar klanten, en zijzelf, hebben te zien, heeft ze gelijk.

Specialisatie is lastig voor mij. Het liefst blijf ik breed georiënteerd, vooral omdat ik interesse heb in veel verschillende dingen, ook buiten het grafische gebied. Muziek, dansen, schrijven, koken, schilderen, allemaal zaken die mij ook blij maken. Mijn ideaalbeeld van Rhapsody Design is altijd geweest dat het iets moet uitstralen van wie ik ben. Een gepassioneerde vrouw die zich in alles wat ze aanpakt voor 100% inzet. Door de lezing van Laura besef ik dat mijn visie niet klopt met de werkelijkheid. Want hoe kun je je voor 100% inzetten als je je aandacht moet verdelen over zoveel verschillende dingen?

Tot nu toe ben ik er - volgens mij - altijd in geslaagd om mijn diversiteit te behouden. Nu ik me realiseer dat ik dat misschien niet voor altijd kan volhouden, ben ik in de gelegenheid om er nog even van te genieten. Als ik me houd aan de regel om mijn aandacht op één project tegelijk te richten, zal dat 'even' mijn tijd nog wel duren.

zondag 21 november 2010

Kerst voor vrouwen

Ieder jaar worden we overvallen door de tijd. We zeggen tegen elkaar; het is nog maar - in te vullen nummer - dagen tot de Kerst! En ieder jaar komen we eigenlijk tijd te kort! Zodra we ons ervan bewust zijn dat Kerst eraan komt, worden er door ons - vrouwen vooral - menu's voorbereid, uitnodigingen en kerstkaarten verstuurd, plannen gemaakt…

Tussendoor komt Sinterklaas in het land en worden we ons ten volle bewust van de snel wegtikkende tijd. Als alle feestjes ter ere van de goedheiligman - met bijbehorende surprise- en gedichtenstress - voorbij zijn, halen we heel even opgelucht adem, om ons vervolgens helemaal op de versiering van onze huizen en het kopen van kerstcadeaus te storten. Veel te snel is het tijd om de kerstboom op te zetten en boodschappen te doen voor - zo lijkt het - de belangrijkste maaltijd van het jaar. Alles moet perfect zijn. Hoe dichter we bij het 'moment supreme' komen, hoe meer de paniek toeslaat.

Als de Kerstdagen dan - veel te snel naar onze zin - aanbreken, staan we stijf van de spanning en zijn we de hele dag druk om het onze gasten naar de zin te maken. We vergeten vaak onszelf daarbij. Voor we het weten zijn de twee kerstdagen voorbij en stevenen we af op oudejaarsavond. Ieder jaar zitten er precies evenveel dagen tussen Kerst en Oud en Nieuw, en ieder jaar worden we erdoor verrast.

Onwillekeurig vraag ik me af: Is dat het allemaal waard? Moeten we ons echt zo in de stress werken dat we heimelijk blij zijn dat de 'feestdagen' weer voorbij zijn? Kunnen we niet beter genieten van het samenzijn, iets minder tijd - en geld - uitgeven aan dingen die voorbij gaan? Is de reden waarom we Kerst vieren niet veel belangrijker? Onze Redder kwam op aarde als een kind, groeide op onder ons en wachtte zo'n 30 jaar voordat Hij zijn reddingswerk kon voltooien. Waarom laten we dat wonder ondersneeuwen door onze 'feeststemming'?

Dit jaar wil ik het anders doen. Hoe? Dat weet ik nog niet. Het blijft lastig om niet meegesleept te worden in de feeststemming waarin heel Nederland verkeert. Is het een idee om het kerstdiner dit jaar door de mannen te laten regelen?

dinsdag 9 november 2010

Afhankelijk

Afgelopen weekend heb ik een diep respect ontwikkeld voor de persoon die ik in mijn vorige blog noemde: Jim Stolze. Hij kreeg het voor elkaar om een hele maand, 30 dagen lang, offline te blijven. Ik heb het met mijn drie dagen experiment slechts één dag volgehouden. Dat kwam namelijk zo:

Afgelopen zondag is mijn nichtje gedoopt. Omdat ze in Zuid Limburg woont zijn we daar met de hele familie van mijn man een weekendje heen gegaan. We huurden een schattig huisje vlakbij de plaats van bestemming - je weet wel, zonder internet - en genoten van een weekend samen zijn. In de planning stond een mini-optreden van mijn schoonvader op viool en ondergetekende. Ik zou een stuk van Mendelssohn zingen, niet de meest makkelijke kost, maar goed te doen met viool en zang. We hadden geoefend en tot dan toe ging alles goed, zolang we ons allebei maar aan de bladmuziek hielden.

Toen we vrijdagavond net Eindhoven voorbij waren schoot er door me heen: de bladmuziek! Vergeten! Gelukkig was een bevriende pianist na een telefoontje - gelukkig had ik mijn mobiel meegenomen - bereid om me het stuk toe te mailen, zodat ik het zaterdag bij m'n schoonzus en zwager thuis kon uitprinten. Offline experiment mislukt, optreden geslaagd. Dat vond ook mijn kleine nichtje. Ze heeft het hele stuk ademloos en met opperste concentratie zitten luisteren. Of het van verbijstering was of dat ze het echt mooi vond laat ik maar in het midden.

Ondertussen heb ik wel weer wat geleerd. Internet is een bijna ongelimiteerde bron van informatie en communicatie. Het leven zou er heel anders uitzien als het wereld wijde web niet zo wereldwijd was geweest of zelfs niet had bestaan. Ondanks die grote rol heeft internet wel mensen nodig die het kunnen gebruiken! Zonder de email van die pianist had ik geen bladmuziek gehad en niet kunnen zingen. Daar waren de doopdienst en het weekend niet minder waardevol om geworden, maar het was wel jammer geweest.

Internet bestaat. Het is handig, snel en biedt veel mogelijkheden. Je kunt er op een vrij makkelijke manier in contact komen met potentiële klanten en mensen die intresses met je delen. Toch kies ik altijd een 'echte' relatie boven een digitale, hoe waardevol die ook kan zijn. Want wat is er nou leuker dan nieuwe mensen leren kennen, 'zomaar' iemand ontmoeten die met jou op één lijn zit, zonder dat je daar zelf naar op zoek was?

Overigens ben ik de rest van het weekend niet op internet te vinden geweest. Toch nog een kleine overwinning. Zo afhankelijk ben ik dus toch nog niet... Of wel?

vrijdag 5 november 2010

Offline

Pasgeleden ontmoette ik tijdens een - overigens erg interessant - seminar Jim Stolze. Wie?
Jim Stolze is een creatieveling die op een bepaald moment in zijn leven besloot, bij wijze van onderzoek, een maand offline te gaan. Een maand zonder internet. Dat betekende ontwenningsverschijnselen, alleen nog 'papieren' nieuws, halsbrekende toeren uithalen om in te leveren stukken tekst bij de juiste persoon te krijgen en het telefoonboek afstoffen om telefoonnummers van potentiële klanten te achterhalen. Het leverde een aantal grappige, maar ook verontrustende anekdotes op. Hij schreef er een boek over; Hoe overleef ik mijn mailbox.

Op het seminar waar ik was, kwam Jim iets over zijn boek en zijn belevenissen vertellen. Terwijl hij z'n verhaal deed, bekroop mij het gevoel; een maand zonder internet, verschrikkelijk! Ik moet er niet aan denken!

Zo vlak voor het weekend dacht ik hieraan terug. Ik ga namelijk een weekend naar Limburg, met de familie van mijn man. We hebben daar met z'n allen een huisje gehuurd. Je raadt het al: zonder internet. Dus dit weekend heb ik mijn eigen versie van Jim Stolze's onderzoek. Een stuk korter, 3 in plaats van 30 dagen. Ik ben heel benieuwd. Zou ik ook ontwenningsverschijnselen krijgen, net als hij?

Na drie dagen lijkt me dat erg onwaarschijnlijk, maar wie weet. Wel vraag ik me onwillekeurig af: Wat zal ik missen? Zijn er leuke mensen online op msn? Plaatst iemand een interessante tweet op twitter die na drie dagen natuurlijk alweer ver naar beneden gezakt is op mijn twitterpagina? Zou iemand de moeite nemen om een krabbel achter te laten op mijn hyvespagina?

Eigenlijk is het verontrustend hoe snel een mens afhankelijk kan worden van internet. Het is goed om daar afstand van te doen, zo nu en dan. Onthaasten is een modeterm geworden, maar blijkbaar ook erg nodig. Dus dat ga ik doen. Een heel weekend. En alle tweets, krabbels, mailtjes en andere interessante zaken op internet blijven daar wel staan tot maandag.

Even twijfel ik. Zal ik m'n mobiele telefoon ook thuislaten? Toch maar niet. Je kunt ook overdrijven!